Projecten

Salmonella I

Innovatieve voederadditieven voor reductie van Salmonella contaminatie van varkensvlees

Doelstelling en onderzoeksaanpakDoelstelling van dit project was om via innovatieve voederadditieven de Salmonella uitscheiding bij vleesvarkens te reduceren en aldus de contaminatie van varkenskarkassen en dus ook varkensvlees te verminderen.

Salmonella Typhimurium wordt geassocieerd met de consumptie van varkensvlees. In tegenstelling tot Salmonella Enteritidis (bij pluimvee) blijft het aantal geregistreerde humane salmonellosegevallen als gevolg van S. Typhimurium de laatste jaren nagenoeg ongewijzigd. Het faagtype “Definitive Type 104 (DT104)” komt zeer vaak voor bij S. Typhimurium en dit wordt voor bijna 90% in verband gebracht met multiresistentie tegen antibiotica. Dit maakt het tot een bedreiging voor de openbare volksgezondheid. De Europese Richtlijn 2003/99/EG inzake de bewaking van zoönoses en zoönoseverwekkers en de Europese Verordening 2160/2003/EG inzake de bestrijding van Salmonella en andere specifieke door voedsel overgedragen zoönoseverwekkers verplichten testen en certificaten m.b.t. de Salmonella status bij handelsverkeer van varkens vanaf 1 januari 2008. Om het aantal salmonellosegevallen te reduceren zijn maatregelen noodzakelijk om de besmetting ter hoogte van de primaire productie te verlagen.

In dit project werden enkele veelbelovende producten met antimicrobiële werking getest. Actieve stoffen waren korteketen en middellange keten vetzuren (MLKV) en essentiële oliën. Van deze additieven was uit eerder onderzoek gebleken dat ze de normale maagdarmflora positief beïnvloeden, maar hun effecten op pathogenen, zeker onder praktijkomstandigheden, waren nog onvoldoende onderzocht.

De producten werden geëvalueerd op hun potentieel tot reductie van Salmonella uitscheiding. De testen liepen op praktijkbedrijven die met Salmonella problemen te kampen hadden en die geïdentificeerd werden via het surveillance programma van Dierengezondsheidszorg Vlaanderen, (DGZ). Vooral vleesvarkens werden gevolgd in zowel afmestbedrijven als op gesloten bedrijven. De eerste vier maanden werd standaardvoeder verstrekt om een goed zicht te krijgen op de ‘normale’ situatie (controle). Daarna werd de producten toegevoegd aan de voeders, waarbij de uitscheiding van Salmonella in de feces tijdens viermaandelijkse staalnames werd onderzocht. De Salmonella isolaten werden toegevoegd aan de reeds bestaande collectie, geserotypeerd en verder gekarakteriseerd om na te gaan welke serotypes of subtypes persisteerden onder de verschillende voederregimes. Parallel werden bloedmonsters genomen worden in het kader van het surveillance programma van Dierengezondsheidszorg Vlaanderen en werd het effect op de serologische status van de varkensbedrijven geëvalueerd.

Dit project kent een vervolg in het SALMONELLA II project.

Doelgroep Sectoren

Veevoederadditieven

Projectuitvoerders

  • Laboratorium voor Diervoeding en Kwaliteit van Dierlijke Producten (UGent) – Stefaan De Smet
  • Eenheid Technologie en Voeding (ILVO) – Marc Heyndrickx
  • Vakgroep Dierlijke Productie (Hogeschool Gent) –Joris Michiels
  • Contactpersoon: Prof. Stefaan De Smet (tel 092649003 stefaan.desmet@ugent.be)

Deelnemen

Het project is afgelopen sinds 30/11/2009, maar het rapport met de resultaten kan wel nog besteld worden. Bij de bestelling van het rapport kan er ook een persoonlijke toelichting worden gegeven door de verantwoordelijke projectmanager (Steven Van Campenhout). De prijs hiervan is afhankelijk van de deelnameprijs voor een project, en is afhankelijk van de ouderdom van de resultaten en de grootte (aantal werknemers) van het bedrijf. Voor meer info en/of een bestelling, neemt u best contact op met de projectbeheerder.